Aanpassing tarieven 2026 voor vrijgevestigde vaktherapeuten
04 februari 2026Ieder jaar maken we als Vaktherapie Nederland een berekening voor adviestarieven voor vrijgevestigde vaktherapeuten. Voor 2026 zijn de tarieven geactualiseerd op basis van de meest recente cao-ontwikkelingen en de indexatie van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Hieronder lees je hoe het nieuwe uurtarief is opgebouwd en welke wijziging we hebben doorgevoerd in de berekening.
Het uurtarief voor vrijgevestigde vaktherapeuten is gebaseerd op de informatie uit de brochure Bekostiging Inspanningsgerichte Jeugd-GGZ 2018 van Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Deze brochure biedt een handreiking voor het vaststellen van jouw tarief als vrijgevestigde vaktherapeut.
Waarom stijgen de tarieven?
De stijging van het geadviseerde uurtarief wordt veroorzaakt door twee factoren:
-
Loonstijging: de lonen in de CAO GGZ zijn per 1 januari 2026 gestegen.
-
Indexatie materiële kosten: De NZa heeft de voorlopige indexatie voor materiële kosten voor 2026 vastgesteld.
Nieuwe berekening
In de berekening van dit jaar hebben we een belangrijke wijziging doorgevoerd. Voorheen sloten we aan bij praktijkkosten voor “overige vrijgevestigde aanbieders” uit de VNG-brochure. Vanaf 2026 kiezen we echter voor de praktijkkosten van een PMT-behandelaar, zoals in de eerste tabel in bijlage 3.
De reden hiervoor is dat het voorheen gebruikte bedrag onvoldoende representatief is voor een vrijgevestigde vaktherapeut. Waar bijvoorbeeld een vrijgevestigde psycholoog – die onder deze zelfde categorie “overige vrijgevestigde aanbieder” valt – genoeg heeft aan een spreekkamer, heeft een vrijgevestigde vaktherapeut behoefte aan een grotere ruimte en specifieke materialen. Door te rekenen met het PMT-bedrag, ontstaat een reëler beeld van de werkelijke lasten van vrijgevestigde vaktherapeut.
De cijfers voor 2026
Op basis van de VNG-systematiek en de cao-gegevens van 1 januari 2026 ziet de opbouw er als volgt uit:
-
Component B: bruto maandsalaris FWG-schaal 55: gemiddelde inschaling € 4.494, - tot € 4.867, - maximaal € 5.140, - (op basis van cao-gegevens 1 januari 2026)
-
Component C: praktijkkosten € 25.005,37,- per jaar (op basis van voorlopige NZa indexatie materiële kosten 2026)
-
Component D: gedeclareerde uren vaktherapie: 1145 - 1188 uur
Dit leidt bij gemiddelde inschaling tot een uurtarief van € 86,16 á € 91,53 per uur en bij maximale inschaling een uurtarief van € 95,46 per uur.
Jeugdwet en PGB
Binnen de jeugdhulp bepalen gemeenten zelf hun tarieven. Vaak maken zij hierbij onderscheid tussen Zorg in Natura (ZIN) en het Persoonsgebonden Budget (PGB). De PGB-tarieven liggen daarbij vaak lager omdat er wordt uitgegaan van minder overheadkosten. Het is echter goed om te weten dat wettelijk gezien een PGB-budget de budgethouder in staat moet stellen om de benodigde zorg in te kopen. Ervaart een PGB-budgethouder in de praktijk dat het budget ontoereikend is voor een vaktherapeutische behandeling, dan kan de budgethouder de gemeente hierop aanspreken.
We adviseren je om de gemeente actief te wijzen op onze geactualiseerde tarieven en de bijbehorende onderbouwing; een reëel en kostendekkend tarief is immers de basis voor kwalitatieve zorg.
Meer lezen over vergoeding en tariefstelling in de jeugdhulp? Lees dan hier verder.
Agenda
-
05 feb.
Verdiepingsdag Ethiek: Voor doeners met een moreel kompas
-
-
07 feb.
Dagworkshop Verwelkom | Focus | Verwonder Geel
-
-
09 feb.
2-daagse nascholing 'Wat bezielt jou?' - over de persoon van de therapeut en de therapeutische relatie.
-
-
11 feb.
Trauma, Intimiteit & Seksualiteit: Lichaamsgerichte 3-daagse training voor professionals
-
-
11 feb.
Masterclass ACT - Parkeer je Piekerverstand
-