Vrijgevestigde vaktherapie in de jeugdhulp

Binnen de jeugdhulp is vaktherapie vaak nog onbekend bij gemeenten en wijkteams. Hierdoor is het niet vanzelfsprekend dat een gemeente vrijgevestigde vaktherapeuten contracteert of via een PGB vergoedt. Daarnaast stellen veel gemeenten aanvullende registratie-eisen aan vrijgevestigde praktijken. Hierdoor hebben nog niet alle jeugdigen met een indicatie voor vaktherapie of jeugdigen die dit wensen, toegang tot behandeling middels vaktherapie.

In deze handreiking hebben we alle relevante informatie in één document gebundeld. Op deze manier kunnen we veel voorkomende misverstanden en knelpunten wegnemen ten aanzien van de inzet van met name vrijgevestigde vaktherapeuten. Klik hier voor pdf-versie van de handreiking.
 

Wat is vaktherapie?

Vaktherapie is de overkoepelende naam voor de vaktherapeutische disciplines beeldende therapie, danstherapie, dramatherapie, muziektherapie, psychomotorische therapie, psychomotorische kindertherapie en speltherapie.

Vaktherapie is een behandelvorm die uitgaat van doen en ervaren. Het non-verbale en ervaringsgerichte karakter van vaktherapie maakt het bijzonder geschikt voor jeugdigen, die nog onvoldoende taal tot hun beschikking hebben om woorden te kunnen geven aan hun problemen of niet over hun problemen willen praten.

Het doel van vaktherapie is enerzijds klachtgericht, namelijk om cliënten te ondersteunen om lichamelijke, verstandelijke, psychische, psychosomatische, psychosociale of psychiatrische problematiek op te heffen, te verminderen of te accepteren en om terugval en hernieuwde klachten zoveel mogelijk te voorkomen. Anderzijds is het doel van vaktherapie persoonsgericht, namelijk om het welbevinden en de kwaliteit van leven en de persoonlijke ontwikkeling van de cliënt te bevorderen.
 

Valt vaktherapie binnen de jeugdhulp?

De vaktherapeut is één van de categorieën hulpverleners die een rol speelt in de brede jeugdhulp.  Vaktherapie wordt aangeboden in de jeugdhulp bij de Jeugd GGZ, de kinder- en jeugdpsychiatrie, jeugdzorg (plus), pleegzorg en de gehandicaptenzorg, maar ook buiten de jeugdhulp in het speciaal onderwijs, revalidatie, asielzoekers/vluchtelingen en ziekenhuizen.Vaktherapeuten werken binnen instellingen en vanuit vrijgevestigde praktijken.

Vaktherapeuten kunnen zich niet registeren bij het SKJeugd. Zij kunnen als niet-geregistreerd professional worden ingezet op basis van de ‘tenzij-bepaling’. Vaktherapeuten worden hierbij expliciet genoemd.

De inzet van vrijgevestigde vaktherapeuten sluit aan bij de uitgangspunten van de Jeugdwet: eerder de juiste hulp op maat om jeugdigen en gezinnen zo snel mogelijk, zo dichtbij mogelijk en zo effectief mogelijk hulp te bieden met aandacht voor de (kosten)effectiviteit van de geboden hulp en hulp aan gezinnen volgens het uitgangspunt één gezin, één plan, één regisseur. Vrijgevestigde praktijken bieden vroegtijdig laagdrempelige hulp in de buurt van het kind, het gezin en school. Deze praktijken kunnen maatwerk bieden en waar nodig samenwerken met scholen en andere jeugdprofessionals.

"Een vaktherapeut geeft therapie aan een jongetje, de CJG-coach werkt in de thuissituatie met de ouders. De CJG-coach en de vaktherapeut hebben regelmatig gesprekken samen met de ouders over de voortgang. De vaktherapeut en de CJG-coach denken ook op school met de leerkracht mee om een passende aanpak van de gedragsproblemen te vinden."
 

Bij welke problematiek kun je een vaktherapeut inzetten?

Vaktherapeuten bieden vroegonderkenning, preventie, training, ondersteuning, observatie, behandeling en bijdrage aan diagnostiek.
 

Preventie, geen jeugdhulp

"Ouders hebben zorgen over de koppige buien van hun 7-jarige dochter. Zij willen graag dat hun dochter minder boos doet en beter met haar frustraties omgaat. Ze willen zelf ook advies voor een andere aanpak van de buien. Op school zijn er geen zorgen over het gedrag van het kind. De dramatherapeut kan ouders en meisje met deze hulpvraag helpen."

"Een 11-jarige jongen is erg verlegen, onzeker en heeft moeite met vrienden maken. Bij een praktijk voor psychomotorische therapie worden groepstrainingen van 10 weken gegeven gericht op het vergroten van zelfvertrouwen en sociale vaardigheden."

 

Vaktherapie kan voor jeugdigen als losstaande ggz-behandeling worden ingezet en bij psychische problemen die geen DSM IV-stoornis betreffen. 

Vroegtijdige behandeling / enkelvoudige problematiek, jeugdhulp

"Op een 10 minuten-gesprek horen ouders dat hun 8-jarige dochter in het zorgteam is besproken. Het meisje speelt niet mee op het schoolplein en zegt vaak dat ze moe is en buikpijn heeft. Ouders bevestigen dat hun dochter vaak nachtmerries heeft en slecht slaapt. De speltherapeut doet spelobservaties en biedt behandeling aan het meisje in combinatie met gesprekken met de ouders."

"Een jongen van 13 met ADHD heeft weinig zelfvertrouwen en een negatief zelfbeeld ontwikkeld. De school ziet dat hij hierdoor onderpresteert  en vreest schooluitval. Hij is erg beweeglijk en houdt niet van praten. De danstherapeut kan de beweeglijkheid  van de jongen zien als een kwaliteit om bij aan te sluiten en zo het zelfvertrouwen te verbeteren waardoor zijn schoolprestaties verbeteren."
 

Complexe problematiek, jeugdhulp

"Ouders van een 9-jarig meisje liggen al jaren in vechtscheiding. Het meisje vertoont teruggetrokken gedrag, voelt zich snel gepest en heeft concentratieproblemen. School heeft grote zorgen en ook Jeugdbescherming is bij het gezin betrokken. Het meisje is geen prater, maar houdt wel van knutselen. Daarom wordt haar beeldende therapie aangeboden bij een vrijgevestigde praktijk in de buurt. De vaktherapeut heeft regelmatig contact met ouders, de Jeugdbeschermer en de leerkracht."

"Een jongen van 15 is gediagnostiseerd met een depressie. Tijdens een opname in een JeugdGGZ-instelling blijkt muziektherapie goed aan te sluiten. Na ontslag uit de instelling wordt de muziektherapie wekelijks voortgezet bij een vrijgevestigd therapeut in de eigen stad. Een GZ-psycholoog ziet de jongen iedere 8 weken. De GZ-psycholoog en de vaktherapeut hebben regelmatig contact over het verloop van de therapie."
 

De vaktherapeut en de norm van de verantwoorde werktoedeling

De ‘norm van de verantwoorde werktoedeling’ volgt uit het Besluit Jeugdwet (artikekl 5.1.1.). De norm vraagt van werkgevers en aanbieders van jeugdhulp en jeugdbescherming dat ze professionals inzetten die over de juiste expertise beschikken en vakbekwaam zijn. Gemeenten, werkgevers en aanbieders van jeugdhulp en jeugdbescherming:

  • zorgen dat de taken worden uitgevoerd door of met een vakbekwame, geregistreerde professional (BIG-register of SKJ);
  • kunnen een niet-geregistreerde professional inzetten wanneer dit de kwaliteit van de hulp niet nadelig beïnvloedt of juist noodzakelijk is voor de kwaliteit van de hulp (de 'tenzij-bepaling’). Vaktherapeuten worden hierbij expliciet genoemd;
  • zorgen ervoor dat professionals kunnen werken volgens hun professionele standaarden.
     

Pas toe of leg uit: de ‘tenzij-bepaling’ voor vaktherapeuten

Het toepassen van de ‘tenzij-bepaling’ is veelal aan de orde wanneer zelfstandig gevestigde vaktherapeuten ingezet worden. Leidend principe bij de norm van de verantwoorde werktoedeling is het principe ‘pas toe of leg uit’. Hiermee wordt bedoeld dat er een hoofdregel is (namelijk voor specifieke werkzaamheden en verantwoordelijkheden wordt een BIG-of SKJ-geregistreerde professional ingezet), waarvan mag worden afgeweken. Dit kan alleen als men aannemelijk kan maken dat de kwaliteit van hulp niet nadelig wordt beïnvloed of dat deze juist gediend is met de inzet van een andere professional. Voor vaktherapeuten geldt dat zij een eigen specialisme hebben, over de juiste expertise beschikken en vakbekwaam zijn. Een manier om de specifieke vakbekwaamheid van een vaktherapeut te onderbouwen is registratie in het Register Vaktherapie. Ook Vrijgevestigde vaktherapeuten kunnen dus zonder SKJ-registratie direct worden ingezet bij complexe problematiek.
 

Inzet in combinatie met een geregistreerd professional.

Een vaktherapeut kan ook ingezet worden in combinatie met een geregistreerd professional. Uit veel taken vloeien werkzaamheden voort waarvoor een geregistreerde professional verantwoordelijk is, maar waarbij het niet efficiënt is dat die door hem zelf worden verricht. Hierbij kan worden gedacht aan een vaktherapeut die in een organisatie werkzaam is en in het kader van het behandelplan (in samenwerking met de hoofdbehandelaar, bijvoorbeeld een psychiater) een aandeel levert in de behandeling.

Ook een vaktherapeut die NIET geregistreerd is in het Register Vaktherapie kan onder verantwoordelijkheid van een geregistreerd professional ingezet worden of als sprake is van een begeleidings- of opleidingssituatie.
 

Kwaliteitsbewaking en professionele standaarden van de vaktherapeut

Vaktherapeuten kunnen zich registeren bij het Register Vaktherapie. Voor toelating tot het Register Vaktherapie dient de kandidaat een erkende opleiding tot vaktherapeut te hebben afgerond en lid te zijn van de beroepsvereniging. De (kandidaat) geregistreerde vaktherapeut is actief bezig met bij- en nascholing en supervisie of intervisie. Iedere vijf jaar dient de vaktherapeut zich te herregistreren.  Op de website http://www.registervaktherapie.nl  kunt u hier meer informatie over vinden.

Professionals zijn verplicht om te handelen als goede hulpverleners en te handelen in overeenstemming met hun professionele standaarden. De vaktherapeut dient zich te houden aan de geldende beroepscode. Deze geldt als richtlijn voor het handelen van beroepsbeoefenaren die lid zijn van een van de beroepsverenigingen die zijn aangesloten bij de Federatie Vaktherapeutische Beroepen (FVB). U vindt de volledige beroepscode op https://fvb.vaktherapie.nl/beroepscode.

De FVB heeft een klacht- en tuchtrechtprocedure ingericht voor de bij de FVB aangesloten vrijgevestigde vaktherapeuten. U kunt hier meer over lezen op https://fvb.vaktherapie.nl/klachten.

Bij de FVB aangesloten beroepsverenigingen zijn NVDT, NVDAT, NVBT, NVvMT, NVPMT, NVPMkT en NVVS. 
 

Financiering van vrijgevestigde vaktherapie in de jeugdhulp

Zorg in natura

Een praktijk voor vaktherapie is gecontracteerd door de gemeente en is als zorg in natura beschikbaar. Als vaststaat dat de hulp noodzakelijk is, dan moet het college hiervoor een voorziening treffen in het kader van de Jeugdwet. Als de jeugdige voor vaktherapie is geïndiceerd, maar dit niet is ingekocht, dan is een ’light-contract’ – of door de gemeente ontwikkelde variant – een mogelijkheid om vaktherapie te financieren.

De pleegzorgmedewerker en de gezinsvoogd stellen vast dat een meisje gebaat is bij beeldende therapie. Zij vinden in de buurt een vrijgevestigde praktijk, waar pleegouders het meisje wekelijks kunnen brengen, maar deze praktijk behoort niet tot de ingekochte zorg. De gemeente en de vrijgevestigde praktijk sluiten een ‘light-contract’ speciaal voor dit meisje, waardoor er via VECOZO kan worden gedeclareerd.

Het lidmaatschap van een bij de FVB aangesloten beroepsvereniging en geregistreerd zijn binnen het Register Vaktherapie kunnen een voorwaarde zijn voor een contract.  Voor vrijgevestigde vaktherapeuten gelden dezelfde tips&trics als voor andere vrijgevestigden in de JeugdGGZ.

Een vaktherapeut kan ook werkzaam zijn bij een gecontracteerde instelling en maakt dan vaak onderdeel uit van een breder behandelaanbod.
 

Persoonsgebonden budget (PGB)

Vaktherapie kan via het persoonsgebonden budget gefinancierd worden. Een persoonsgebonden budget wordt verstrekt wanneer de jeugdige of zijn ouders zich gemotiveerd op het standpunt stellen dat zij de individuele voorziening die een aanbieder levert, niet passend achten en naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort en die de jeugdige of zijn ouders van het budget willen betrekken, van goede kwaliteit is. Een vaktherapeut ingeschreven in het Register Vaktherapie voldoet aan de kwaliteitseisen die de Jeugdwet stelt. 

De jeugdige of zijn ouders zijn als PGB-budgethouder de werkgever die de norm verantwoorde werktoedeling toepassen en maken de afweging voor de inzet van een niet-geregistreerde professional.
 

Vaktherapie en de Zorgverzekeringswet

Voor het financieren van therapie door vrijgevestigde vaktherapeuten kan niet verwezen worden naar de  Zorgverzekeringwet. Losstaande vaktherapie wordt namelijk niet vergoed vanuit het basispakket. Voor 2015 maakte vaktherapie wel onderdeel uit van het basispakket als onderdeel  van een multidisciplinaire behandeling van een DSM IV-stoornis. De voorwaarden die toen golden voor het basispakket in de Zorgverzekeringswet zijn niet één-op-één van toepassing op de Jeugdwet. Losstaande vaktherapie kan hierdoor uit de Jeugdwet worden vergoed.

Vrijgevestigde vaktherapie, verzorgd door bij de FVB aangesloten vaktherapeuten, wordt door enkele zorgverzekeraars gedeeltelijk vergoed uit de aanvullende verzekering. Een verzekerd bedrag uit de aanvullende verzekering kan in mindering gebracht worden op het benodigde PGB-budget. Beschikken de ouders of de jeugdige niet over een aanvullende verzekering, dan is het college aan zet om de noodzakelijke hulp in te zetten.
 

Tarief voor een vrijgevestigd vaktherapeut

De VNG-brochure ‘Bekostiging Inspanningsgerichte GGZ 2018’ biedt een handreiking voor het vaststellen van het tarief voor een (vrijgevestigd) vaktherapeut:

•    Component B: Bruto maandsalaris FWG-schaal 55: € 3.293 tot € 3.606

•    Component C: Praktijkkosten van overige vrijgevestigde aanbieders: € 17.071 per jaar

•    Component D: Gedeclareerde uren vaktherapie: 1145 tot 1188 uur

De componenten B+C+D leiden samen tot een uurtarief van € 62,88 á € 70,02 voor vrijgevestigde vaktherapeuten.

Volgens het beroepsprofiel behoren de volgende directe en indirecte cliëntgebonden werkzaamheden tot die van de vaktherapeut: het opstellen van een behandelplan, het uitvoeren van het behandelplan, verslaglegging ten behoeve van het dossier, evaluatie met jeugdige of gezinssysteem, overleg met betrokken behandelaren en school. Deze cliëntgebonden tijd mag worden gedeclareerd.

Een PGB-budget moet toereikend zijn om de zorg te kunnen inkopen. Het uitgangspunt voor een PGB-tarief is het uurtarief voor vaktherapeuten binnen de zorg in natura. Als de PGB-budgethouder een vaktherapeut kiest met een hoger uurtarief dan het zorg in natura-tarief voor vaktherapie, dan moet hij het verschil zelf betalen.
 

Bronnen

  1. Beroepscompetentieprofiel Vaktherapeuten
  2. GGZ standaarden, Generieke Module Vaktherapie
  3. VNG -  Basiskennis over de norm van verantwoorde werktoedeling en beroepsregistratie jeugdhulp
  4. Beroepscode vaktherapeuten
  5. GGZ standaarden, Organisatie van zorg voor kinderen en jongeren met psychische klachten
  6. PPJ- Kwaliteitskader Jeugd – norm verantwoorde werktoedeling
  7. VNG - Vrijgevestigde jeugdhulpaanbieders
  8. https://skjeugd.nl/veelgestelde-vragen/
  9. Brief van ministerie VWS aan T. Dors (januari 2016)
  10. Jeugdwet art 8.1.1.
  11. https://www.sociaalweb.nl/jurisprudentie/persoonsgebonden-budget-pgb-in-jeugdwet-en-wmo-2015-hoe-hoog-moet-het-tarief-zijn
  12. Juridische kennisbank Schulink (Grip op Jeugd)
  13. Schulinck – Afbakening Jeugdwet met andere wetten
  14. VNG - Bekostiging Jeugd-GGZ inspanningsgericht (juni 2017)
  15. VNG - Tips & trics vrijgevestigden
Deel dit via: